Veelgestelde vragen

Hier vindt u veelgestelde vragen over het windpark Hazeldonk-West en over wind-energie in het algemeen. Mist u een vraag? Stel deze dan via contactformulier en wij proberen deze hier te beantwoorden.

Over windpark Hazeldonk-West

Waar worden de windmolens geplaatst?

De windmolens in het windpark Hazeldonk komen in een rijopstelling aan de westzijde van de A16.

Waarom op deze locatie?

Het gebied rond de A16 heeft een optimale ligging voor windenergie. Vanwege de relatieve nabijheid van de zee waait het vaak harder in West-Brabant. Daarbij is er in Nederland vooral sprake van een (zuid-)westenwind. De snelweg A16 heeft een noord-zuid oriëntatie waardoor windmolens vaker kunnen draaien en meer energie opleveren. Verder kan de nabijheid van bepaalde infrastructuur zoals een snelweg en de HSL het geluidsoverlast van de windmolens verminderen. Daarom heeft de provincie Noord-Brabant in de Milieueffectrapportage gekeken naar het gebied circa 1 kilometer rondom de A16, van knooppunt Klaverpolder tot en met knooppunt Hazeldonk. Daaruit kwamen verschillende opstellingsalternatieven, die vervolgens vertaald zijn naar 24 varianten waarop de windmolens in het landschap langs de A16 te plaatsen zijn. Op basis daarvan zijn provincie en gemeenten in 2017 in gesprek gegaan met dorps- en wijkraden, natuurorganisaties en gemeenteraden. Dit leverde 350 opmerkingen en vragen op, die zijn gebruikt om de varianten verder te verbeteren. Op grond van deze verbeterde varianten heeft de stuurgroep, bestaande uit de 4 wethouders van de gemeenten en gedeputeerde Erik van Merrienboer, een keuze gemaakt voor 11 varianten die in de MER verder onderzocht zijn op milieueffecten zoals geluid, slagschaduw en veiligheid.

Eind 2017 heeft de stuurgroep een beslissing genomen over de meest geschikte opstellingsvariant voor windmolens langs de A16, waarin ook het knooppunt Hazeldonk was opgenomen. Dit wordt ook wel het voorkeursalternatief genoemd. De stuurgroep baseerde haar keuze op de volgende pijlers:

- uitkomsten van de MER en landschappelijke aspecten
- politieke voor- of afkeuren uit de verschillende gemeenten
- publiek en klankbordgroep
- locaties van projectontwikkelaars
- sociale participatie is een randvoorwaarde

Meer informatie: www.brabant.nl

Zijn alle 5 windmolens hetzelfde?

In het bestemmingsplan is vastgelegd dat de rotordiameter en de ashoogte van de windmolens in het windmolenpark onderling hetzelfde dienen te zijn. Daarbij hebben de initiatiefnemers afgesproken dat er één type windmolen komt in het windpark.

Welke hoogte krijgen de windmolens?

Het is nog niet bekend wat de exacte hoogte van de windmolens is. Dat is pas bekend wanneer het type windmolen bekend is. In het bestemmingsplan en de omgevingsvergunningen is wel een bandbreedte voor de ashoogte (hoogste punt van de mast), tiphoogte (het hoogste punt van de wiek) en rotordiameter vastgelegd. De windmolens mogen maximaal een tiphoogte hebben van 210 meter.

Hoeveel energie leveren windmolens?

De windmolens leveren jaarlijks naar verwachting ongeveer 15,5 miljoen kilowattuur (kWh) per windturbine aan elektriciteit op. Voor de energieopwekking van het hele windpark staat dat gelijk aan het jaarlijkse energieverbruik van circa 15.000 huishoudens. Het windpark draagt daarmee bij aan de duurzame energieambitie van de provincie Noord-Brabant. 

Hoeveel geluid mogen de windmolens maken?

Voor het verkrijgen van de omgevingsvergunningen is onderzocht wat de minimale en maximale effecten voor wat betreft geluid van de beoogde windmolens zijn. Vervolgens wordt binnen de bandbreedte van de vergunning het te realiseren windmolentype gekozen. Vervolgens moeten de initiatiefnemers kunnen aantonen dat de gekozen windmolen kan voldoen aan de specifiek geldende geluidsnormen voor Windpark Hazeldonk en welke maatregelen eventueel noodzakelijk zijn om aan deze geluidsnormen te voldoen. Lees hier meer over geluid.

Geven de windmolens overlast van slagschaduw?

De initiatiefnemers zijn gehouden aan de specifiek geldende slagschaduw norm uit de omgevingsvergunningen, waarin staat opgenomen dat een gevoelig object maximaal 6 uur per jaar  mag worden geraakt door de slagschaduw. Daarmee gaan de initiatiefnemers verder dan de wettelijke norm, waarin bepaald is  dat een slagschaduw van een windmolen mag maximaal 17 dagen per jaar, meer dan 20 minuten gevoelige objecten binnen een afstand van 12 keer de rotordiameter raken. De initiatiefnemers gaan op basis van de slagschaduwkalender in gesprek te met omwonenden over dagen en tijden met potentiële hinderlijke slagschaduw en de programmering automatische stilstandsregeling. Lees hier meer over slagschaduw.

Krijgen de windmolens obstakelverlichting?

Ja. Vanwege de vliegveiligheid moeten windmolens worden voorzien van 'obstakelverlichting'. Op basis van internationale ICAO-richtlijnen bepaalt de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) welke verlichting een windmolen moet hebben. Momenteel moeten in principe alle windmolens met een tiphoogte hoger dan 150 meter obstakelverlichting hebben. Vroeger moesten deze lampen wel knipperen, maar omwonenden gaven aan daar hinder van te ondervinden. Daarom mogen de lampen nu vast brandend zijn en daar kiezen wij dan ook voor.

Meer informatie over obstakelverlichting vindt u op de website van de Rijksoverheid. 

 

Over windenergie

Waarom is duurzame energie zo belangrijk?

De meeste energie die we in Nederland gebruiken komt uit fossiele brandstoffen. Bij de verbranding komt CO2 vrij. Doordat er steeds meer CO2 in de atmosfeer komt, stijgt de temperatuur op aarde en dat kan ingrijpende gevolgen hebben voor mens, dier en natuur. Nederland heeft zich gecommitteerd aan de afspraken van het klimaatakkoord van Parijs om de klimaatverandering binnen de perken te houden. Daarom is het belangrijk dat we het gebruik van fossiele brandstoffen verminderen. Dat kan door minder energie te gebruiken en door over te stappen op bronnen die schone energie produceren. Dat zijn o.a. wind, zon, water en aardwarmte.

Waarom windenergie?

Windenergie is effectief in de strijd tegen de klimaatverandering, omdat windmolens bij het opwekken van windenergie geen fijnstof, stikstofoxiden en zwaveldioxide uitstoten. Windenergie is schoon, onuitputtelijk en de goedkoopste vorm van duurzame energie. Daarnaast is Nederland een echt windland, het waait in ons land vaak en hard.

Hoe werkt een windmolen?

Boven de mast zit een gondel, de plek waar bijna alle techniek zit. In de gondel zit een generator. De generator is een grote dynamo die de draaiende beweging van de wieken omzet in elektriciteit. Om de draaiende beweging sneller te maken, zit in de gondel zit ook een tandwielkast. De tandwielen laten, samen met een stang, de rotor sneller draaien. Zo wordt er meer stroom opgewekt.

Hoe belangrijk is de hoogte van een windmolen?

Heel belangrijk, want de stroomopbrengst is afhankelijk van de hoogte van de windmolen. Met name de rotordiameter is belangrijk. Hoog in de lucht waait het vaker en harder. Hoe groter de rotordiameter, hoe meer wind de wieken vangen en hoe meer stroom de windmolen opwekt. Over het algemeen geldt de regel: als de wieken van een windmolen twee keer zo groot zijn, is de opbrengst (in kWh) vier keer zo hoog.

 

Hoe lang gaat een windmolen mee?

Economisch gezien wordt een windmolen in vijftien jaar afgeschreven, technisch gaat een windmolen zeker twintig jaar mee. Wanneer de molens de leeftijd van twintig jaar hebben bereikt, wordt eerst bekeken of ze nog iets langer kunnen blijven staan. Daarna worden ze afgebroken. Dit kan meestal kostenneutraal, omdat veel onderdelen hergebruikt kunnen worden.

Draaien windmolens altijd?

Ja, in principe wel. Maar een windmolen staat ook wel eens stil. Bijvoorbeeld voor onderhoud of als het niet waait. Dit laatste komt beperkt voor. Moderne windmolens hebben erg weinig wind nodig om toch te draaien en elektriciteit op te wekken. Ook bij hele harde wind (windkracht 9-10) kan een molen uit veiligheidsoverwegingen worden uitgezet. Daarnaast wordt een molen ook wel eens stilgezet om slagschaduw op nabijgelegen woningen te voorkomen (bij een bepaalde stand van de zon).

Wat is slagschaduw?

Windmolens kunnen slagschaduw veroorzaken, die ontstaat meestal als de zon laag staat. Slagschaduw draait met de zon mee en reikt bij zonsopgang en -ondergang in de winter het verst. Als hoogte en locatie van een windmolen bekend zijn, is de slagschaduw te berekenen. De molen wordt stilgezet als er een overschrijding van de geldende slagschaduwnorm (max. 6 uur per jaar) dreigt te ontstaan. Het is vooraf bekend wanneer slagschaduw kan optreden en er kan dus ook vooraf overlegd worden met de bewoners wat het beste stilzetschema is. Daarbij is van belang dat bij geen wind of geen zon er geen sprake is van slagschaduw. Lees hier meer over slagschaduw.

Geven windmolens lichtschittering en is dat te voorkomen?

Lichtschittering kan ontstaan doordat zonlicht op de draaiende rotorbladen schijnt. Om dit te voorkomen worden de rotorbladen van de windmolens voorzien van een anti-reflecterende coating.

Waarom zit er verlichting op windmolens?

Windmolens met een tiphoogte van meer dan 150 meter moeten worden voorzien van obstakelverlichting. Dit is verplicht om de windmolens ook ’s nachts zichtbaar te maken voor vliegtuigen. Dat zijn witte lampen overdag en rode lampen ’s nachts. Deze rode lampen zullen ’s nachts niet knipperen. Vroeger moesten deze lampen wel knipperen, maar omwonenden gaven aan daar hinder van te ondervinden. Daarom mogen de lampen nu vast brandend zijn en daar kiezen wij dan ook voor.

Mogelijk kan in de toekomst gebruik worden gemaakt van technologische ontwikkelingen, bijvoorbeeld een techniek waarbij obstakelverlichting alleen wordt ingeschakeld bij verminderd zicht voor vliegverkeer of in combinatie met (radar)apparatuur waarmee vliegverkeer wordt gesignaleerd. Wij volgen deze ontwikkelingen, maar vooralsnog is gebruik van deze technieken nog niet toegestaan vanwege de huidige regelgeving in Nederland.

Meer informatie over obstakelverlichting leest op de website van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO).

Over het bouwproces

Wat gebeurt er de komende periode?

De komende maanden worden ook de voorbereidingen getroffen voor allerlei civieltechnische werkzaamheden. Denk hierbij aan de locatie en aanleg van toegangswegen, kraan opstelplaatsen, parkbekabeling, inkoopstation, netaansluiting en andere tijdelijke voorzieningen. Zodra hierover meer bekend is, plannen de initiatiefnemers een informatiebijeenkomst voor de omgeving.   

Wanneer worden de windmolens gebouwd?

De exacte planning is nog niet bekend. De planning van de bouw hangt ook samen met de uitspraak van de Raad van State over de beroepschriften. Als de Raad van State de beroepschriften ongegrond verklaart, dan zijn het bestemmingsplan en de Omgevingsvergunningen vanaf dat moment onherroepelijk. Daarna kan het windpark pas gebouwd worden. Wij verwachten dat dit niet eerder is dan vanaf medio 2021. 

Hoe wordt een windpark gebouwd?

Het bouwproces voor windpark begint met het aanbrengen van voorbelasting voor de nieuwe wegen richting de windmolens. Na het aanbrengen van de voorbelasting is een rustperiode van ongeveer 4 maanden waarin de grondlagen stabieler worden. Bij de volgende stap wordt het (overtollige) zand gebruikt om bouwwegen te maken. Daarna worden de parkbekabeling, kraan opstelplaatsen en windmolenfundamenten aangelegd. Na al deze stappen begint de bouw van de windmolens. Eerst worden de torenonderdelen geplaatst op ieder windmolenfundament. Dan volgen per windmolen de resterende onderdelen: gondel (behuizing), naaf (as) en wieken. Wanneer de windmolen helemaal staat, worden de interne bekabeling en schakelkasten aangebracht. Daarna is de windmolen gereed voor productie en wordt met testperiode gestart. Verloop dit goed, dan wordt de windmolen officieel in productie genomen.

In deze timelaps laten we zien hoe een windmolen wordt gebouwd.

Vinden er bouwwerkzaamheden buiten de reguliere tijden plaats?

De initiatiefnemers stellen alles in het werk om hinder bij werkzaamheden tot het minimum te beperken. Dat betekent ook dat er in principe geen bouwactiviteiten plaatsvinden buiten reguliere tijden (tussen 19.00 – 07.00 uur). Indien er bouwwerkzaamheden buiten de reguliere tijden moeten plaatsvinden, wordt dit vooraf en tijdig met de omgeving gecommuniceerd. Transport van grotere onderdelen, vooral de bladen, vindt meestal wel ’s nachts plaats. 

Wordt er een 0-meting voorafgaand aan de werkzaamheden uitgevoerd?

Om schade aan de bouwwerken in de omgeving door werkzaamheden te voorkomen, voeren de initiatiefnemers voorafgaand aan de werkzaamheden een risico-inventarisatie uit. Mocht hieruit blijken dat bepaalde bouwwerken een verhoogd schade-risico lopen, dan wordt bij deze bouwwerken een 0-meting uitgevoerd. 

Kan ik hinder ondervinden van bouwtransport?

Bij de uitvoering van de werkzaamheden worden voornamelijk standaard transportvoertuigen (van werkbussen tot cementwagens) gebruikt die wettelijk op de openbare weg zijn toegestaan door het RDW. De verwachting is dat de verkeersbewegingen van deze voertuigen, gezien de aard van de werkzaamheden, een klein onderdeel zijn van het totaal aantal verkeersbewegingen op de omliggende, openbare wegen.

Daarnaast valt een klein aantal transporten onder bijzonder, dan wel exceptioneel transport. Hierbij gaat het om ladingen die ‘ondeelbaar’ zijn (zoals windmolenonderdelen) en wat betreft afmetingen en gewichten, groter of zwaarder zijn dan de wet toestaat. Voor het transport van deze ladingen is een ontheffing nodig en vindt onder begeleiding van de RDW plaats.

Welke route gebruikt het bouwverkeer?

Dat is op dit moment nog niet bekend. Zodra de initiatiefnemers meer weten over de bouwverkeerroutes, wordt dit met de omgeving gecommuniceerd. Daarnaast wordt voorafgaand aan de werkzaamheden nog een informatieavond georganiseerd waarbij alle aspecten van de bouw worden toegelicht.  

Over participatie in het windpark

Krijgt de omgeving ook inkomsten van het windpark?

De ontwikkelaars stellen een deel van de inkomsten beschikbaar aan de direct omwonenden. Dit is 0,50 euro per opgewekte megawattuur (MWh) per jaar. De precieze hoogte van het bedrag is afhankelijk van de hoeveelheid energie dat in een jaar wordt opgewekt. Het bedrag stellen de ontwikkelaars beschikbaar via een fonds: De Burenregeling. Het fonds wordt beheerd door de organisatie van Energie A16 en de betrokken gemeenten. Meer informatie: www.energiea16.nl

Is er ook ruimte voor financiële participatie in het windpark?

Bewoners in de A16-zone krijgen op termijn de mogelijkheid financieel te participeren in de windmolens. De financiële participatie wordt op dit moment uitgewerkt door de organisatie van Energie A16. Meer informatie: www.energiea16.nl 

Over procedures

Zijn de plannen voor het windpark al definitief?

Nee, nog niet. Op 1 oktober 2018 en 11 maart 2019 hebben de Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant 11 omgevingsvergunningen verleend voor de bouw van de windmolens langs de A16. Tegen deze besluiten is beroep ingesteld bij de Raad van State. We verwachten rond de zomer van 2020 een uitspraak van de Raad van State. Als de Raad van State deze beroepschriften ongegrond verklaart, dan zijn de Omgevingsvergunningen vanaf dat moment onherroepelijk en kan worden gestart met de bouw van de windparken langs de A16, waaronder windpark Hazeldonk. Meer informatie: www.brabant.nl

Is er gekeken naar de milieuaspecten?

Het plaatsen van windmolens heeft invloed op de omgeving. Windmolens moeten veilig zijn, zo weinig mogelijk overlast veroorzaken voor omwonenden en zo weinig mogelijk schade toebrengen aan dieren en planten. Er zijn voor windmolens uitgebreide randvoorwaarden vastgesteld op gebied van milieu en omgeving (Wet Milieubeheer). In de m.e.r.-procedure uitgebreid onderzoek gedaan naar de verschillende milieuaspecten die relevant zijn bij de aanleg van een nieuw windpark. Daarbij gaat het om aspecten als: vogels, vleermuizen, geluid, risicozonering, slagschaduw, gezondheid, radar, vliegveiligheid. Het MER kunt u lezen op een speciale website van de provincie Noord-Brabant:  www.merwindenergiea16.brabant.nl 

 

Is er een planschaderegeling?

Er is op voorhand geen regeling met omwonenden voor eventuele planschade getroffen. In de Wet op de ruimtelijke ordening is bepaald, dat als iemand schade lijdt of zal lijden als gevolg van bijvoorbeeld een wijziging van het bestemmingsplan of een vrijstelling van het bestemmingsplan, hij/zij een verzoek om vergoeding van planschade kan indienen bij de gemeente of provincie. Om de planschadeprocedure te kunnen starten, moet het planologische besluit onherroepelijk zijn.